BEWEGING: DE STRANDBEESTEN VAN THEO JANSEN

EEN GASTBIJDRAGE DOOR ANJA MARBUS BIJ HET EINDEXAMENTHEMA VMBO 2016 'BEWEGING'

Een strandbeest is een sierlijk dier dat door de zeewind in beweging wordt gebracht. Het is gemaakt van gele plastic buizen. Je hebt strandbeesten in verschillende soorten en maten. Sommigen zijn héél groot en hebben wel twintig of meer poten, anderen zijn wat kleiner, maar bewegen kunnen ze allemaal. De bedenker en maker van de strandbeesten is kunstenaar Theo Jansen.

De carrière van Theo Jansen begon met een studie natuur- en scheikunde aan de Universiteit van Delft. Dat is niet echt wat je bij een kunstenaar verwacht. Toch is het maar goed dat hij zo‚Äôn studiehoofd was, want bij zijn strandbeesten komt veel techniek kijken. Ze moeten zó licht zijn dat ze met hulp van de wind kunnen bewegen, maar ook moeten ze precies zwaar genoeg zijn om niet omver te worden geblazen. Om dat voor elkaar te krijgen, moet alles natuurlijk precies afgemeten en uitgerekend worden. Op een gegeven moment besloot Theo Jansen dat hij kunstenaar wilde worden. Alles leerde hij zichzelf, een echte autodidact dus. Hij maakte tekeningen, schilderijen, beelden en gaf les aan de kunstacademie. Ook schreef hij natuurkundige stukjes voor de wetenschapspagina van de Volkskrant, waarbij hij zelf de illustraties maakte. Zo schreef hij ook een keer een stukje over het stijgen van de zeespiegel, dat een gevaar kon beteken voor ons laaggelegen land. In dat stukje bedacht hij een oplossing voor het ophogen van de zandduinen. Hij verzon dieren, gemaakt van elektriciteitsbuis, die alsmaar het strand loswoelden, zodat het losse zand vervolgens naar de duinen kon worden geblazen.

Hij besloot de dieren zelf te gaan maken en hij noemde ze 'strandbeesten'. Dat was in 1990. Vanaf dat moment doet Theo Jansen niets anders meer. Hij wil dat ze steeds beter worden, zodat ze straks zonder hulp, in grote kuddes, op het strand kunnen leven.

De strandbeesten lijken net echte dieren. Ze kunnen hun poten bewegen en hun vleugels laten wapperen. Theo Jansen heeft dan ook goed bestudeerd hoe de lichaamsdelen van de strandbeesten eruit zien en waar de scharnierpunten moeten komen te liggen. De scharnierpunten zijn de punten waar de beweging ontstaat, net als bij ons de knieën en ellebogen. Dat kun je hier goed zien. Het loopmechanisme van de poot bestaat uit een samenspel van plastic buizen, die met tiewraps aan elkaar zijn vastgemaakt. Met een heteluchtblazer kan hij van de buizen ronde vormen maken. Sommigen van de strandbeesten hebben petflessen in hun in hun maag, die de wind vangen en in harde puffen weer uitblazen. Hierdoor kunnen ze lopen, hun kop bewegen, hapjes zand nemen en een beetje ronddartelen.

Net als echte dieren hebben de strandbeesten dure Latijnse namen. Het allereerste strandbeest dat Theo Jansen maakte, was de Animaris Vulgaris. Een heel groot strandbeest dat hij in 2000 maakte, heet de Animaris Unimus. Er bestaan ook tweelingstrandbeesten en die worden Animaris Siamesis genoemd. Dit omdat ze voor een deel aan elkaar vastzitten en dus eigenlijk Siamese tweelingen zijn. Hierdoor kunnen ze elkaar goed in evenwicht houden en zijn ze beter bestand tegen harde wind. Deze zomer kun je het nieuwste strandbeest, de Animaris Proboscis, op het strand in actie zien. Via de website van Theo Jansen is het mogelijk toegangskaarten voor dit evenement te kopen. Als je zelf ook een (mini) strandbeest wil maken, kun je via dezelfde website een bouwpakket kopen. Want ook Theo Jansen moet geld verdienen. Van de wind kun je nu eenmaal niet leven.

Bekijk de uitzending Kunstuur in de Klas - Kunst in beweging / kinetische kunst:

1 video's